Justus Moree

Op deze pagina deel ik mijn informatie en ervaringen betreffende mijn activiteiten in het F5j wereldje.

 

Ik begin met mijn zelfbouw project, de InPuls, en wellicht komen er ook andere modelvlieg gerelateerde zaken bij maar dat zal vanzelf moeten gaan groeien

 

 

Ik ben Justus Moree.

 

In mijn jeugd ben ik aangestoken door het modelvliegvirus door de activiteiten van mijn vader maar het heeft tot 2003 geduurd voordat ik daadwerkelijk zelf wilde gaan bouwen en vliegen.

Mijn voorkeur ging uit naar het hellingzweven op de Nederlandse duinen en onder supervisie van mijn vader ben ik met een Carrera Favorit, die hij nog ergens had liggen, begonnen met handstartjes op het strand.

Die kist had ik vrij vlot in de vingers en ik ging daarna meteen met een bouwpakket van een vliegende vleugel aan de slag: de Robbe Hot Shot. Dat bouwen was wel heel erg gaaf en vliegen ging ook goed.....zodoende volgden nog vele bouwdozen, ARF kistjes. van tekening gebouwde modellen en voorzichtig wat pogingen tot eigen ontwerp-hellingragbakjes,

 

Waarom beginnen met F5J?

 

In 2012 ben ik met een groepje liefhebbers op vliegvakantie naar Oostenrijk geweest en heb daar voor het eerst echt kennis gemaakt met thermiek vliegen. Dit heb ik altijd als iets voor oude mannetjes gevonden maar ik kwam er achter dat hier heel veel uitdaging in zit en hier wilde ik meer mee doen.

In 2014 ben ik met mijn Topmodel Diva (Thermik Dream) begonnen met meevliegen in de F5j-competitie, hoofdzakelijk om het thermieken beter onder de knie te krijgen.

Ik ging hier voor de rode lantaarn, ik heb dat 1ste jaar maar een paar keer de 10 minuten vol gevlogen want er komt veel meer kijken bij thermieken dan ik ooit had verwacht. Waar ik dacht dat ik de Diva van haver tot gort kende, dankzij mijn vele uren op het duin, bleek niets minder waar. Roeruitslagen, mixers, koppelingen en zwaartepunt waren allemaal voor verbetering vatbaar.

Door veel kijken, advies vragen bij anderen en ook echt luisteren naar wat die te zeggen hebben ging ik het spelletje steeds beter snappen, er kwamen af en toe 9:56-jes op de klok en zo kon ik ook in mijn vrije tijd veel meer van thermiek genieten.

 

Door de Oostrijk tripjes en vraag naar meer pure prestatie van een kist heb ik een Aer-O-Tec Orca aangeschaft als ultieme All-Rounder. Ik moest er lang op wachten maar het was het waard! Hij kan met windkracht 6 laag en hard boven het duin maar, op een thermische dag ook in een veldje omhoog en in de bergen all-out hoog en hard gevlogen worden. Een droom van een kist!

 

Waarom F5J met hout?

 

Seizoen 2015 heb ik met mijn Orca gevlogen en die heb ik mede door alle hulp en opgedane kennis heel erg lekker vliegend gekregen. Maar ik blijf erg gevoelig voor wedstrijdstress (word aan gewerkt!) en de Orca is nog wel wat gevoelig voor fouten tijdens het sturen. Ik ben veel te zuinig op die kist om hem daardoor kapot te vliegen en heb een andere doelstelling voor het wedstrijdvliegen.

 

Ik wil mijzelf blijven verbeteren in het in- en afstellen van mijn vliegtuigen, in het herkennen van thermiek en het er in rond vliegen. Daar heb je m.i. geen hele dure kist voor nodig (mag wel natuurlijk) maar in de basis moet het goed zitten, een ‘echte’ kan altijd nog.

 

Zodoende heb ik een kist gezocht waar ik mijn ei in kwijt kon qua bouwen maar ook qua instel en afstel mogelijkheden.

Die heb ik gevonden in de Inside van Hoellein/Grüner.

 

 

Wat vind ik nou zo leuk aan F5J vliegen?

 

Hier heb ik geen kant en klaar antwoord op.

Mijn drijfveer om er aan te beginnen was het leerzame karakter ervan. Als ik op een gewone middag naar de club ging voor een rondje zweven, keek ik eerst een kwartiertje in het rond of ik ergens vogels zag, of een mooie beweging in overtrekkende wolken. Ik wachtte een mooi moment af en gooide mijn kist de lucht in, ik vloog een stukje en als ik niet snel genoeg iets van thermiek vind zette ik de motor weer aan, klom weer een stukje en zocht weer verder. Als het even niet lukt, wachtte ik een kwartiertje of een half uur en probeerde het nog eens. Er was geen stok achter de deur om mijn best te doen om elke mogelijke seconde uit een vlucht te halen en dus ook niet om de kist zo in en af te stellen dat ik net dat ene krappe thermiekbelletje wel kon oppikken.

 

Vloog ik dan maar een beetje doelloos rond zonder wat te proberen? Nee....dat natuurlijk ook niet. Maar feit is dat ik niet tot het gaatje ging om maar in de lucht te blijven. Ik stond heerlijk lekker ontspannen te vliegen, van het weer te genieten (ik vlieg graag met mooi weer), en lag er niet echt wakker van als ik nu 2 of 3 keer die motor nodig heb gehad om een half uurtje boven te blijven. (lig ik op een gewone vliegdag nog steeds niet trouwens)

 

Met een wedstrijd is dat helemaal anders. Je kan niet wachten tot je ergens een wolk ziet vervormen, of er een buizerd of een groepje meeuwen voorbij komt cirkelen. Als de toeter gaat móet je.....niet eerder en niet later. Je mag 1 keer de motor aanzetten en die tijd gebruik je om én een comfortabele starthoogte te breiken én om op een plek te beginnen waar je denkt de meeste kans op thermiek te hebben.

 

En als na 30 seconden die motor uit gaat begint het pas echt!

Zit je op de juiste plek? Waar zijn de anderen? Moet ik hier blijven of moet ik naar een ander gebied proberen te steken?

Als je niet in die eerste minuten wat vind........wat doe je dan? Steek je nog verder weg naar dat bosje aan de rand van het veld? Als dat niet lukt, red je het dan nog wel om terug op je landingspot te komen?

 

Het mooiste is het als je, meteen nadat de motor uit gaat, in een duidelijke bel terecht komt en die lekker door kan draaien tot het tijd is om terug te keren voor de landing.

 

Maar in de praktijk lukt dit maar zelden en voor je het goed en wel in gaten hebt zit je lager dan waar je normaal gesproken op de club nog vliegt en je moet nog 5 minuten.

Dan krijgt je kist ineens dat zetje van thermiek, maar je bent er wel erg snel doorheen gevlogen. Bochtje terug of bochtje doordraaien? een krappe bocht met veel verlies door teveel sturen? of een ruime bocht met het risico te ver buiten de bel te komen?

Dan kom je er ineens achter dat je vliegtuig eigenlijk best lastig in die korte bocht te houden is. "Waarom is mij dit niet eerder opgevallen?" "Hij haakt eigenlijk meer dan ik dacht" "shiit....net dat kleine tikje teveel up..........bijna overtrokken!"

 

Met bibberende vingers van het draaien op een hoogte waar je je normaalgsproken nooit bevind, en je afvragend of je nu wel of niet hard genoeg met de bel meevliegt, zie je dat je langzaam begint te klimmen! "Yess......het lukt!"

 

Weer een paar meter hoger, de kist lijkt zich te stabiliseren en is steeds makkelijker in de bocht te houden terwijl hij nog steeds gestaag omhoog gaat. "Hoe lang moeten we nog?"

 

De 2minuten melding heb gemist in je concentratie maar je timer/coach zegt dat je nog 1min 40 seconden moet.

De bel is goed, maar je drijft ook vlot weg. "Hoe hoog moet ik zitten om die anderhalve minuut uit te vliegen?" "Hoeveel tijd heb ik nodig om terug te komen?"

 

Je hebt namelijk ook nog eens met die stip te maken waar je stil moet liggen voordat de toeter weer gaat.

Je kist gewoon op een veldje landen is geen kunst, maar om hem op het juiste moment op precies de juiste plek neer te zetten is een heel ander spelletje.

Op 1 minuut besluit je je neus toch maar weer richting 'thuis' te sturen, je maakt nog een paar bochtjes om vanuit de vooraf aangegeven landingsrichting aan te komen vliegen

 

30 seconden

 

"Ik zit te hoog" "nee....toch niet" "nog een bochtje?"

 

20 seconden

 

"ga ik te hard?" "hoogte goed?"

 

15 seconden

 

"Ik ben te vroeg maar ik kan ook niet meer stoppen" "dan maar door want die landingspunten zijn wel prettig"

 

Met nog 9 seconden te gaan raak je het gras, dat is al een tijdje niet gemaaid dus je kist ligt ook meteen stil met de neus nog 5 meter bij de stip vandaan.

 

Je kijkt opzij en je ziet die 3 anderen die het ook uit hebben weten te houden nu pas binnen komen

 

3

 

2

 

tegelijkertijd tikken ze alledrie de romp aan de grond

 

1

 

en de toeter van einde werktijd.

 

Maar je bent er nog niet want hoe hoog heb je je motor uit gezet? Alles moet op papier en naar de wedstrijdleiding.

 

Dan snel je spullen wegleggen want die jongen die net jouw tijd heeft opgenomen, je op de hoogte heeft gehouden van wie waar al dan niet wat heeft gevonden, moet over 5 minuten zelf aan de bak en nu moet jij de tijd opnemen.

 

Dus je bent alweer aan het kijken, zie je ergens iets van een hint van wat in de verste verte maar op thermiek lijkt?

Niet alleen voor jezelf maar ook voor die anderen.

 

Zo ben je de hele dag in de weer tussen je eigen spullen op orde hebben, anderen helpen en tussentijds ook nog genieten van de zweefprestaties van anderen. Hoe krijgen die gasten het voor elkaar om van zulke belachtelijke hoogtes toch nog weg te klimmen? wat ziet hij aan zijn kist wat ik niet zie?

Waarom kan hij zijn kist wel zonder hoogteverlies de bocht om trekken en ik niet? Maar ook.....waarom gaat hij nu naar links achter i.p.v. rechts voor?

 

En dan is het mooie dat je dus gewoon ff naar die andere piloot toe kan lopen om hem dat te vragen. Welke keuzes maak je van te voren? Hoe stel je je kist af? op beste glijhoek om groot gebied te kunnen bestrijken of minimaal dalen om maar zo lang mogelijk van je hoogte te kunnen profiteren?

 

Aan het eind van de dag heb ik altijd het gevoel dat ik de hele dag heb gevlogen maar als puntje bij paaltje komt zijn het maar 5 of 6 x 10 minuten geweest. Maar mijn hoofd zit zo vol met alles wat ik gezien en ervaren hebt dat dit er niet veel toe doet. Ik kom ook altijd met hernieuwd enthousiasme thuis, vol wilde plannen om weet ik veel wat allemaal aan mijn vliegen te verbeteren om de volgende keer wél de juiste hoek te kiezen. Toch maar eens kijken waarom ik hem niet strak door een korte bocht krijg. Ligt dat aan mij of aan de kist? Zijn het zender-instellingen of zwaartpunt?

 

Buiten de wedstrijd om ben ik ineens veel meer bezig met wat er bij komt kijken om netjes te vliegen. Mijn vrije middag op het veld ga ik nu eens niet naar 200meter maar zet de motor op 100 meter uit. En als hij niet goed de bocht om gaat probeer ik goed te voelen of ik het zelf ben die slagroom aan het kloppen is i.p.v. mijn zenderknuppels goed aansturen. Of kan ik toch nog een paar procentjes meer richtingmix of minder differentietie inregelen.

 

Dat is voor mij de grote lol van het f5j vliegen. Het beste uit mijzelf en uit mijn vliegtuig halen en een dag rondlopen tussen mensen die dat ook willen (en doen).